Fotografie, ontspanning bij uitstek.

Fotografie is bij mij toch wel mijn grootste hobby. Regelmatig trek ik er op uit om in de natuur te fotograferen. Niet alles ligt mij, maar de natuur, bloemen en de dieren hebben voor mij de voorkeur om als onderwerp te dienen, en dit alles ook met macro-fotografie. Mensen vind ik een stuk lastiger, niet omdat ik niet van mensen houd, maar meestal zijn mensen niet ontspannen als ze gefotografeerd worden. Dat uit zich dan weer in de foto’s die gemaakt zijn. Vaak zien de beelden er gedwongen uit, staat het onderwerp enigszins verkrampt op de foto in een onnatuurlijke houding.

Voor mij moet het onderwerp ontspannen zijn, zodat ik me ook ontspannen voel. Dan maak ik de mooiste foto’s ben ik van mening. Ja, foto’s van mensen op afstand, zodat ze niet in de gaten hebben dat ze worden gefotografeerd, dat kan nog wel eens leuke foto’s opleveren. Maar dan komt de privacy-wetgeving om de hoek kijken, je mag mensen niet fotograferen zonder dat ze daar toestemming voor hebben gegeven (als de foto’s gepubliceerd worden), tenzij het op openbaar terrein gebeurd. En om nou iedereen achterna te rennen die je op de foto hebt staan is ook nogal wat. Punt één; kan ik niet rennen. Punt twee; voordat je iedereen hebt achterhaald, zijn de meesten alweer verdwenen.

Nee, ik houd het hoofdzakelijk bij de natuur en de dieren en soms wat modelfotografie. En dat modelfotografie is dus geen ‘prachtige mensen’ voor mijn lens, al is dat ‘prachtige’ heel subjectief, maar schaalmodellen van bijvoorbeeld modelauto’s, modeltreinen en wat je allemaal nog meer verzinnen kunt. Ook deze modellen laten zich wat makkelijker fotograferen. Ja, je moet ze dan nog wel op een bepaalde manier neerzetten en uitlichten, maar er zit verder niets gedwongens in. Het model bepaald niet de sfeer van de foto, dat doe je allemaal zelf. Bij mensen kun je ook wel je eigen sfeer proberen te creëren, maar daar ben je ook sterk afhankelijk van bijvoorbeeld het humeur van de personen in kwestie.

De dieren doen over het algemeen hun eigen ding, die laten zich niet zo makkelijk in een bepaalde houding dwingen. Ja, als ze een beloning kunnen verdienen dan gaat Fikkie zitten of liggen, maar als Fikkie echt geen zin heeft, kun je hoog of laag springen, dan vertikt hij het gewoon. Maar bijen of vlinders bijvoorbeeld, probeer die eens in een door jou gekozen houding te laten zitten. Dat gaat je echt nooit lukken. En dat maakt het fotograferen van de natuur zo mooi, het komt op de gevoelige plaat zoals het is en anders niet. En soms heb je geluk dat het precies zo op de foto komt zoals je bedacht hebt, maar dat is dus het geluk. Ik kan rustig een hele tijd gaan zitten te wachten totdat het diertje nou net op die bloem gaat zitten die ik voor ogen heb, maar hoe die daar gaat zitten heb ik geen invloed op, dat bepaald hij zelf. Of je wacht natuurlijk nog langer totdat hij ook zit zoals je zou willen, maar dan loop je makkelijk de kans dat je helemaal niets fotografeert.

Een mooie foto is afhankelijk van zoveel verschillende factoren, dat als al die factoren goed bij elkaar komen, je voor jezelf de mooiste foto’s kunt maken. En natuurlijk zijn er altijd mensen die commentaar zullen leveren op wat je maakt, dat de achtergrond niet goed is, dat het licht verkeerd valt, of dat er iets anders in je compositie niet goed is. Maar dat is voor mij allemaal van ondergeschikt belang. Wie maakt hen tot expert en kenner? Niemand bepaald voor mij wat ik mooi moet vinden of wat juist niet. Een foto is voor mij een goede foto als ik vind dat die goed is.

Wat anders is het natuurlijk als je foto’s maakt in opdracht van… Dan is het een kwestie om er achter te komen wat je opdrachtgever mooi vind. Dat kan natuurlijk nagenoeg het zelfde zijn als dat je zelf mooi vind, maar dat kan ook een hele andere kant op gaan, een kant die je zelf verschrikkelijk vind. Het kan zelfs zoveel verschillen dat het je niet lukt om ‘goede’ foto’s te maken. Maar er blijft altijd wel iets van jezelf achter in de foto’s die je maakt.

Maar zoals de titel van dit stuk ook zegt, “Fotografie, ontspanning bij uitstek” zit in al het gene hierboven beschreven. Als ik er op uit trek om te gaan fotograferen, stap ik op mijn scootmobiel met mijn fotokoffer en statief, en rij lekker rustig door de omgeving. Ik kijk rond en geniet van de omgeving en/of de natuur. En vaak is het dan zo dat er iets in een ooghoek je opvalt, een klein detail of iets anders. Dan stop ik en ga kijken of het leuk is, mooi is of in ieder geval de moeite waard is. Dan pak ik mijn camera, kies mijn objectief en probeer uit te vinden hoe ik mezelf het beste kan plaatsen om voor mijn gevoel de mooiste foto’s te kunnen maken. Als ik dan de foto’s heb gemaakt, kom ik weer thuis en zet de foto’s op de computer. Want op mijn camera heb ik wel een schermpje zitten om globaal te kijken of ze gelukt zijn, maar de details zijn gewoon niet te zien.

Op de computer bekijk ik dan welke foto’s voor mij voldoen en welke niet goed zijn. Soms bewerk ik de foto’s nog een klein beetje na, maar zo min mogelijk, omdat ik de werkelijkheid wil bewaren. Het enige wat ik soms doe is het contrast minimaal aanpassen en de kleurintensiteit minimaal ophalen. Dit omdat welke camera en/of objectief je ook neemt, er altijd wel iets van verkleuring in zit. En lukken alle foto’s? Bij lange na niet, ik kan wel zeggen, de meeste foto’s die ik maak voldoen niet aan mijn wensen, maar soms zitten er wel pareltjes bij waar ik echt trots op ben. En precies dat alles geeft me dat heerlijke ontspannen gevoel.

Hits: 26

2 reacties:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *